De Eerste Kamer

Het Nederlandse parlement bestaat sinds 1815 uit twee Kamers, die daarvoor tezamen als de Staten-Generaal een eenheid vormden. Hoewel de Tweede Kamer doorgaans voor de burger het meest zichtbaar is in de media, is de invloed van de Eerste Kamer toch aanzienlijk groot. Hier worden namelijk uiteindelijk de wetsvoorstellen die de Tweede Kamer indient goedgekeurd of afgewezen. Daar houdt de macht van de Eerste Kamer dan ook gelijk op, want zij heeft geen mogelijkheid om zelf wetten in te dienen of aan te passen.

Hoe wordt de Eerste Kamer gevormd?

De bekendheid van de Tweede Kamer wordt voor een groot deel bepaald door de aandacht die er is voor de verkiezingen, waarbij de burger direct zijn of haar vertegenwoordiger in de Tweede Kamer kan kiezen. De leden van de Eerste Kamer worden op een meer indirecte wijze gekozen. Dit gebeurt door middel van een zogenaamde getrapte verkiezing. Eerst kiezen de burgers via de Provinciale Statenverkiezing wie hen op provinciaal zullen vertegenwoordigen. De leden van de Provinciale Staten kiezen op hun beurt weer wie er in de Eerste Kamer komen.

Het gevolg hiervan is dat een meerderheid in de Tweede Kamer lang niet altijd een meerderheid in de Eerste Kamer hoeft te hebben. Een partij kan het op provinciaal niveau bijvoorbeeld beter doen dan landelijk, waardoor haar invloed in de Eerste Kamer weer groter wordt. Ook is het goed om te weten dat de Eerste Kamer 75 zetels telt en de Tweede Kamer 150 zetels.

De rechten van de Eerste Kamer

Naast de mogelijkheid om wetsvoorstellen goed of af te keuren heeft de Eerste Kamer ook nog een aantal rechten dat kan worden gebruikt:

- het budgetrecht: hiermee kan de Eerste Kamer de inkomsten en uitgaven van het rijk beoordelen en waar nodig goedkeuren of afkeuren
- onderzoek- en enquêterecht: de parlementaire enquête is de zwaarste onderzoeksvorm die ons politieke stelsel kent en kan door de Eerste Kamer op eigen gelegenheid ingesteld worden
- vragenrecht: ministers en staatssecretarissen kunnen te allen tijde door de Eerste Kamer worden opgeroepen om vragen te beantwoorden of verantwoording af te leggen.
- recht om moties in te dienen:  wanneer de Eerste Kamer zich wil uitspreken over een bepaald onderwerp kan dat door een motie in te dienen. Het kabinet is niet verplicht deze uit te voeren, tenzij het om een motie van wantrouwen gaat.